Tips voor leerkrachten en directie

  • Hou het welbevinden van het kind in de gaten.
  • Wees aandachtig voor pesterijen, uitsluitgedrag van andere kinderen in de klas of op school. 
  • Doe indien nodig een klasgesprek in overleg met het kind en zijn ouders. Het is een goede aanleiding om het thema ‘gevoelens’ aan bod te laten komen: verdriet, boosheid, schuld… 
  • Spreek met het kind af dat hij steeds bij jou of bij een andere vertrouwenspersoon op school terecht kan. 
  • Spreek eventueel een signaal af waarmee het kind kan aantonen dat het niet gaat, zonder dat de andere kinderen dit doorhebben. 
  • Vraag regelmatig hoe het gaat zonder te pushen. Indien het kind aangeeft dat dit niet fijn is, laat je het over aan het kind om er zelf over te beginnen wanneer hij het wil. 
  • Wees aandachtig voor gedrags- en concentratieproblemen. 
  • Geef regelmatig feedback aan de ouders bij akkoord van het kind (zonder het vertrouwen van het kind te schenden).