Materiële schade

De zwaarste stoffelijke schade bij een verkeersongeval betreft meestal de betrokken auto’s. We geven je een overzicht van de vergoedingen die je kunt krijgen. 

Totaal verlies van je auto: 

Er bestaan twee soorten van totaal verlies, ook 'total loss' genoemd.

Technisch totaal verlies betekent dat het voertuig niet meer hersteld kan worden omdat belangrijke onderdelen geraakt zijn. Economisch totaal verlies betekent dat de herstellingskosten veel te hoog zijn in verhouding tot de waarde van het voertuig vóór het ongeval. Bij een totaal verlies van je auto kun je volgende vergoedingen krijgen: 

  • een vergoeding van de waarde van de auto net voor het ongeval met inbegrip van alle accessoires, inclusief de btw en de belasting op de inverkeerstelling (BIV); 
  • de depanneringskosten; 
  • de administratieve kosten; 
  • een vergoeding voor iedere dag dat je je auto mist of een gedeelte van de kost voor het huren van een vervangauto; 
  • de stallingskosten van het wrak bij een garage. 

Wanneer je bij totaal verlies van je auto geen wrakafstand deed, zal de deskundige ‘wrakaanbiedingen’ vragen. Dat betekent dat hij kopers zoekt voor het wrak. Daarna zal hij je meedelen wat het hoogste bod is dat hij heeft gekregen. Dan verwacht men dat je zelf de nodige stappen zet om het wrak, dat nog altijd je eigendom is, te verkopen. Als je daarmee te lang wacht, lopen de stallingskosten op. De verzekeraar zal weigeren in die kosten tussenbeide te komen. 

Wanneer je auto nog te herstellen is.

In dit geval heb je recht op volgende vergoedingen: 

  • algemene herstelkosten, btw inbegrepen, ook wanneer je de auto toch niet zou laten herstellen; 
  • de herstelkosten van accessoires; 
  • depannerings- en stallingskosten; 
  • een vergoeding voor iedere dag dat je je auto mist of een gedeelte van de kost voor het huren van een vervangauto. 

Hoe werkt de verzekeringsmaatschappij?

Wanneer de aansprakelijkheid van het ongeval bij de tegenpartij berust, is het meestal je eigen verzekeringsmaatschappij die een deskundige vraagt om de schade aan je auto vast te stellen. Voor andere materiële schade dan aan de auto wordt zelden tot een expertise overgegaan. Meestal stuurt men een inspecteur van de verzekeringsmaatschappij naar de persoon die schade heeft geleden. Die maakt een inventaris op en daarna wordt meestal een forfaitair bedrag aangeboden. Hierbij wordt onder meer rekening gehouden met de ouderdom van de betrokken voorwerpen, bijvoorbeeld bij kledij. 

Enkele tips: 

Ga steeds bij je eigen verzekeringsmaatschappij na welke kosten je al dan niet kunt doorgeven. 

  • Teken niet meteen een expertiseverslag. Zeker niet wanneer je eraan twijfelt of wanneer je je onvoldoende geïnformeerd voelt. 
  • Bij een eventuele discussie over een expertise kun je zelf een onafhankelijke autodeskundige aanspreken. Die voert dan een tegenexpertise uit. Beide deskundigen dienen dan nadien overeen te komen. Indien dat niet mogelijk blijkt, zal de rechtbank moeten beslissen. 
  • Teken geen ‘wrakafstand’ wanneer er nog een tegenexpertise moet gebeuren. Anders kan het voertuig niet meer onderzocht worden.